13-04-13

Blogkunsten 1. Verhuis, uit, sleutel, droomwereld

 

 

SAM_3558.JPG

 

De vaste bekenden in het oorspronkelijke gezinshuis verlaten om uit te vissen of ook dat weer literair een zoveelste nieuwe poging en aanvulling in het individuele en collectieve zin zoeken baren kan. Zaterdag 13 april, pril is ze wel die lente na de veel te lange winter van 2012-2013.  Ieder jaar opnieuw groeit het verlangen naar warmte en licht en vertrekken half oktober sterker, naarmate de botten ouder worden en die op de bomen langer op zich laten wachten.  Nu de schrijvershoek midden alle natuurelementen behalve de bergen en de zee, weer eens is heringericht voor een nieuw seizoen van : het zware praktische, meer en meer te delegeren fysieke werk, alle kunsten, sociale betrokkenheid en innerlijke observatie van ‘t filosofische geheel der dingen en aanverwante wezens.  Bij ’t ontbijt met heerlijk, maar vooral eerlijk Oxfam fruitsap en granen gemengd met melkveewit, nog even getwijfeld aan de eenheid van dingen en aanverwante wezens…maar nee, stof en idee, fysica, chemie en biologie zijn zo één als leven en dood; ze zijn en veranderen en verdwijnen, maar zijn nooit echt weg, zoals reeds herhaaldelijk; vooral theoretisch dan, in ‘de Blogfilosofen’ onderwezen. 

Vóór ik mijn nieuwe, zelf in mekaar geknutselde bed onder het plafond een eerste nacht ging proberen, ging ik na wat vrijwilligerswerk en het weer opzoeken van de juiste trillingen voor het schrijven, nog eens naar een paar door mij al weken en weken verwaarloosde oorden ter laving van meer dan de dorst.  In ’t ‘Goe Leven’ zaten twee koppeltjes waarschijnlijk tiener te zijn, hun huid en mimiek om jaloers op te zijn, nee, ‘jaloers’, zo moet het niet omschreven worden; naar mate men ouder en wijzer wordt krijgt men tegelijk een andere kijk op de kringloop van zijn…men zou wel willen herbeginnen, maar dan van uit een andere benaderingen…al blijft de vraag of men wel veel keuze heeft een mens levenslang vergezellen.  De jeugdige vervangster van de gewone baas in het café met de mensen uit het schilderij van Monnet, met of zonder a; zette wat Johnny Cash op want zelfs de aanwezige jonge lieden vonden de disco en aanverwante hoempestoempetonen niet passen bij het soort blije, rustige sfeertje in de ‘pub’ zullen we maar typen, want wie hoor je de dag van vandaag nog spreken over ‘winkelen’, ‘shoppen’, dat is pas in. Om de tong te eren werd er aldaar donkere Tongerlo gedronken, één maar want weinig agenten nemen iemand voor hun plezier het rijbewijs af.  Van hoe het leven gewoon vredig ‘Goe’ kan zijn, naar het ‘Verzet’, voor  cola met enkele voor mij bekende Vlamingen, zij het vandaag minder gekende dan.  De blanke man met Leuvens en Brussels dialect en zijn heimwee naar Afrika had minder aandacht voor zijn heimwee en meer voor twee jongedames, één in ’t zwart en de andere een witte.    De meer of minder softe bonken kwamen vanavond qua originaliteit aardig in de buurt van de naburige tafel kunstenaars precies; al of niet op zoek naar inkomen en inspiratie, hun muze vanavond misschien die vrouw die over mensen met psychisch leed vertelde.  Indien je merkt dat je tussen twee goed op mekaar ingestelde tafels zit; ben je een bevoorrecht iemand, je hebt meer ruimte om als niet ingewijde van uit een andere hoek iets aan te brengen en tevens de nodige afstand te houden; als was je een toevallige passant in de tevens rokersruimte buiten, waar de samenstelling van tafels vaak wat ‘lukraak’ is, een Nederlands woord voor zowel ‘toevallig’ als ‘doeltreffend’. 

Van ‘toevallig’ gesproken.  De voorzienigheid kan nog al eens wat influisteren op een dag.  Je steekt de houten plooimeter in de glazen pot met choco en andere kroonkurken voor de blauwe zak en je ‘’’denkt’’’ ergens ‘als ik vanavond na mijn vrijwilligerswerk wat ga drinken, zal ik me maar inhouden…(gedachte tot stand gekomen met dank aan de houtmeter en de kroonkurken).  Op hetzelfde moment, misschien een biljoenste van een denkseconde later, vermoedt je dat dit denkgebeuren wel eens een voorspellend iets zou kunnen hebben.  En oh ja hoor, blij kom je een uurtje later terug op je schiereiland, want je hebt nog eens wat andere mensen dan de bekende gezien, je parkeert je camionette naast de oude camper waarmee je wel weer zou willen vertrekken; zo staan zij daar ook niet weer zo alleen…je laat de lichten van de auto nog wat branden om een sleutel te vinden; maar wanneer je na het boomwateren terugkomt, merk je dat je niet meer in je bestelwagentje kunt.  De wind, ook die in je haren deed iets met het portier en jij iets van gewoonte met de sluitknop.  Dan maar zonder vloeken het brommertje op naar het oorspronkelijke gezinshuis, door regen en wind, tweemaal twintig minuten verder, want daar ligt de tweede sleutel.  En nee, iemand opbellen om 24 uur, doe je niet, je valt niet graag iemand lastig, al hielp je zelf al veel; ja zelfs volgens waarschijnlijk een paar mensen, naar de ‘botten’…maar die komen altijd op een dag wel in bloei, al moet je er soms langer dan gewoonlijk op wachten.  Al met al een prachtig begin voor een eerste avond weer in complete afzondering…al bestaat complete afzondering eigenlijk niet, maar later meer daarover; zoals ook misschien over de in de titel beloofde dromen.

‘Wat ben je aan het doen’, zou je meer persoonlijkheden bevattende vriend Faceboek zeggen ? Zullen we dag na dag wel proberen te vatten, met zijn allen samen iedereen tegelijk en in een merkwaardig geheel van allerlei verbanden…maar je eigen ervaren is me toch soms wel wat.  Zo ook met die dromen,  probeer ze je te herinneren voor de virtuele en andere mensen buiten het schiereiland ze de volgende uren verdringen.  Je droomt over iemand die een mop vertelt op een cassette ergens op een feest, de man is er al een tijd in ’t echt en virtueel niet meer (dat laatste is hij trouwens nooit geweest), maar je hoort hem via luidspreker van de buren; de mop ben je ’s morgens vergeten; je weet nog dat je walste met je moeder, die dansen in ’t echt maar niks vindt en het nu niet meer kan. Je bracht een lading fruit naar iemand die ook al dood is voor een oom die ook daar al ergens moet zijn en sprak links en rechts onder meer met iemand die in een kerk voorleest.  Middag ondertussen, er roept de praktische plicht.

 

to be continued on 'zoveelste romanidee', perhaps

19:30 Gepost in roman | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook

22-03-13

Zich verblijden en zich ergeren

 

Carl Jung zou hebben gezegd dat iedereen waar je je eigen aan ergert dat je daar iets kunt van leren.  Je kan dit aanvullen met ‘ als het stopt dat dingen of mensen je ergeren, dan begint er iets aardigs in je eigen boven te komen’.  Over zich verblijden zowel als ergeren zijn er onder andere door mezelf al veel woorden gesproken en geschreven, gevoelens ontstaan, toch maar even de draad van het zich ergeren opnemen. Beide fenomenen, zich ergeren en verblijden zijn een universeel verschijnsel in al wat leeft, meer speciaal in de mens. Met alle nationaliteiten en rassen reeds in contact geweest en van geleerd en mekaar onderling proberen helpen op tal van manieren en altijd weer in tal van facetten de menselijke karaktereigenschappen hebbende beleefd in de veelsoortige relaties die een mens maar kan aangaan, leidt altijd maar weer tot de bevinding dat alles en iedereen een soort eenheid vormt die je voornamelijk positief kan beïnvloede wanneer je dingen en mensen in hun geheel begrijpt en niet al te veel met negatieve gevoelens rondloopt, zelfs al lijken of zijn deze terecht.  Zoals water dat stroomt en overloopt gewoon altijd zijn weg vindt, zo komt eenieder in het dagelijkse bestaan zijn ‘water’, zijn ‘mensen’ tegen die op dit punt van samenkomen van levenslijnen aan de orde zijn.  De wegen langs waar mensen met mekaar  in contact komen, zijn veelvuldig : onze verantwoordelijkheden, de dingen en mensen waartoe we ons aangetrokken voelen, onze gedachten en gevoelens, de omgeving waar we wonen, onze drang naar kennis en inzicht, onze onopgeloste vragen, onvoltooide familieverhalen…voltrekken zich op zichtbare en nauwelijks waarneembare (telepathie, intuitie…)  tot niet waarneembare manieren, vergelijkbaar met de sferen van het bewuste, onderbewuste, onbewuste. 

Van waar komt dat ergeren ?  Deels uit onze instinctieve roots, de strijd om de stoffelijke overleving zit nog altijd in ons gebakken, niet negatief daarom, maar het kan het wel worden.  Aan eten geraken, de seksuele nood en dergelijke, de rivaliteit daarrond.  In een tijd overwegend voldoende bestaansmiddelen zoals voeding en onderdak en zo meer, is er toch nog voldoende waar mensen zich aan ergeren, wie weet omdat ze altijd meer en meer willen, mensen en dingen.  Over de dingen gaan we het niet hebben, je bent een schraper of je bent het niet of ergens een stadium daartussen. Ook ‘mensen’ willen we ‘hebben’…en hoe meer die individuen economisch onafhankelijk zijn, hoe lichter we ze ergens in de archieven van ons verleden proberen klasseren, zonder door te hebben waar het verband met die of die mens gevoelsmatig en symbolisch voor stond, voor staat, zal blijven staan (afhankelijk van afgezwakte of aangegroeide inzichten). We beginnen nooit van nul, nul bestaat niet, je kan er wel dichtbij raken indien je je niet meer ergert, en dan wordt er ‘ruimte’ geboren, innerlijke rust, net als bij de big bang toen er ruimte geboren werd. Teveel druk op een bepaald punt en de situatie ontploft, symbolisch is het dan een wegvluchten uit de zinloosheid.  De fysica bereidde reeds de weg van de chemie in een bepaald opzicht, al kan je ook argumenteren dat beiden al van bij het begin één waren, ja zelfs dat het begin altijd via nieuwe big bang cyclussen geboren wordt, maar dat zou ons te ver afleiden van ons onderwerp, ‘zich ergeren’, alhoewel het er verband mee houdt. Indien je ruimte teveel in beslag genomen wordt of op een manier die je niet zint, begint de strijd om ruimte.  Men zou zich meer de vraag moeten stellen of er wel iets aan de hand is, telkens men zich ergert en nog meer de vraag waarvan de schijnvoorstellingen (niet pejoratief bedoeld) die de aanleiding of aanleidingen vormen voor de ergernis vandaan komen, hoe ze in mekaar zitten. Indien men er tijdens dit proces in slaagt van de inzichten die men in de praktijk daardoor verwerft te koppelen aan het verlangen zoveel mogelijk naar positieve ontwikkelingen te leiden.  Indien je daar niet in slaagt en de negatieve ervaringen cultiveert als besluit en bron van al wat je doet en zegt, verzeil je in een spiraal die moeilijker en moeilijker te doorbreken zal zijn.  We zitten allemaal wel in situaties die beide aspecten kennen en met medelijden met mekaar te hebben gaan we er niet uit raken. Confrontaties aangaan via alle mogelijke nuances van menselijke contact, het kan zowel van uit collegialiteit, vriendschap, liefde en zo meer beginnen en eindigen in het tegenovergestelde indien we niet uitkijken.  De ergernissen uit de kindertijd zijn kinderlijk en we zouden ze langzamerhand moeten ontgroeien, in potentie kunnen we dat want ieder van ons draagt al van in de kindertijd tevens een soort ontwapenend geluk met zich mee.

 

Lees meer...

21-03-13

de mens tussen tijden en verandering

Vroeger waren er zo van die draaibare driehoekige autovenstertjes.  Vroeger waren er nog veel boeren in Europa.  Vroeger, … .  De zakelijke relaties tussen mensen evolueerden mee, als ook de psychologische relaties  werden er door beïnvloed.  Maar hoe staat het nu met onze spirituele band met het leven, zijn we helemaal in de ban van de aanhangers van de zinloosheid van het leven, of ontdekken we toch de samenhang van velerlei soorten zingeving en uiteindelijk de persoonlijke zin van onze levens ? 

 

Het feit dat we zijn wie we zijn en voortdurend in het actuele moment van wording zitten, is al een wondermooi iets wat men kan ervaren bij bestudering van al die natuurlijke factoren die de hele reis van straling tot atoom en cel en wijzelf hebben mee bepaald.  Alles wat bestaat heeft een vorm en bij benadering van de vormeloosheid valt alles weer uiteen in straling.  De krachten die bijdroegen tot het tot stand komen van leven op aarde, zijn al even verbazing wekkend, lees er maar lectuur op na of volg een aantal documentaires dienaangaande en probeer U de wortels van Uw eigen zijn eigen te maken.

 

Bij het sterven worden we terug voor een deel straling, en hoe dat voelt of welke functies die straling heeft, daar hebben we het raden naar.  Voegt deze straling zich bij het geheel van aanwezige energie in de kosmos of blijft ze voor een deel niet met ogen of lichaam aanwezig bij bepaalde of alle leden van onze genetisch vertakte mensenboom ?  In vele, zo niet alle gevallen zijn we de voortzetting van de verhalen van onze voorgangers; dus niet bepaald de Indische manier van reïncarnatie; noem het genetische reïncarnatie.  De symboliek van het wezen van zijn van alle of sommige van diegenen die ons via de DNA samenstelden, ligt in ons versmolten in alle facetten van ons karakter en manieren van doen en zijn. 

 

Kenmerkend in onze persoonlijke evolutie en onze reacties naar mensen toe is niet zo zeer alleen de rode draad van de praktische indeling en uitwerking van ons dagelijks leven, maar ook de blauwe lijn van sociaal met mensen om te gaan en een stap verder, vriendschappelijk in al zijn gradaties.  Deze blauwe lijn leert ons dat we er qua ontwikkeling van echt menselijk bewustzijn voordeel mee hebben van onze naasten goed te behandelen, confrontatie met als doel alleen de eigen belangen; levert zelden een bijdrage tot meer wijsheid over hoe het leven in mekaar zit.  Het bewustzijn van het feit dat we een geheel vormen als groepen mensen en de mensheid samen, zou moeten groeien.  Voor de rode draden in onze levens betekent dat dat we ons meer moeten inzetten om uit te vissen hoe de economische, sociale en uiteindelijk politieke wereld plaatselijke en internationaal in mekaar zit en waar we ons daar bevinden en welke de korte en lange termijn perspectieven en alternatieven zijn.  Voor de blauwe draden betekent dat we meer de tijd moeten nemen om ons te verdiepen in hoe de mens door de eeuwen heen zich via onder andere religie en filosofie heeft proberen oriënteren om iets van de algemene en persoonlijke zin van het leven te snappen.

 

De persoonlijke zin van iemands leven is het verhaal van de interactie met de wereld als totaliteit maar ook voornamelijk met diens omgeving, kennissen, collega’s, vrienden, familie en zo verder.  Een belangrijk deel hiervan is de beleving van het liefdesgebeuren in de verhouding man- vrouw bijvoorbeeld.  Gewoonlijk beleefd men alleen de praktijk van liefdesrelaties en is er weinig bewustwording rond de wetmatigheden waarvoor de praktijk symbool staat.  De reden waarom niet eenieder zich van evenveel van het voorgaande bewust is, heeft ook te maken met de verschillende draagkracht van eenieder, men moet bepaalde waarheden, plezante en andere, ervaren en onder ogen durven zien, wil men psychologisch en spiritueel groeien.

 

 

 

 

 

Lees meer...